Elektrofysiologie

Hoe maak je het zorgpad na een AF katheterablatie zowel efficiënter als patiëntvriendelijker?

Miriam Scheurwater (Catharina ziekenhuis) beschrijft in deze video de resultaten van haar studie, waarin het gebruik van sluitingsdevices leidt tot een aanzienlijk sneller en eenvoudiger zorgpad en zonder stijging van de zorgkosten.
Elektrofysiologie

Hoe groot is de variatie in ablatiestrategieën bij herablatie?

Federico Magni (UMCG) en collega’s onderzochten deze vraag in een multicenterstudie op basis van gegevens uit de Nederlandse Hartregistratie. Zij brachten in kaart welke ablatiestrategieën worden toegepast bij patiënten die bij een herablatie nog steeds duurzaam geïsoleerde longvenen hebben.
Elektrofysiologie

Kwaliteit van leven na PVI: wie profiteert het meest?

Het verbeteren van de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven (HRQoL) is één van de belangrijkste redenen om te kiezen voor een pulmonaalvene-isolatie (PVI) bij de behandeling van symptomatisch atriumfibrilleren. Maar ervaren alle patiënten dezelfde verbetering

Linker hartoorsluiting: als de praktijk sneller gaat dan de wetenschap

Wat als een veelbelovende behandeling niet verder onderzocht kan worden, omdat de realiteit sneller beweegt dan de wetenschap? Dat is precies wat er gebeurde bij de COMPARE LAAO-trial, waarin Errol Aarnink de effectiviteit en veiligheid van linker hartoorsluiting onderzocht bij AF-patiënten met een hoog trombo-embolisch risico die geen orale anticoagulantia kunnen gebruiken. Wat betekent dit voor Nederlandse patiënten? Hun toegang tot deze behandeling zal afhangen van bestaand observationeel bewijs en toekomstige studies in bredere populaties.

Veilige ablatie bij zuigelingen

Cardiologen van het LUMC, onder leiding van Andreia Palma en Robin Bertels, beschrijven in hun overzichtsartikel de mogelijkheden van radiofrequente katheterablatie (RFCA) bij de jongste patiënten: zuigelingen jonger dan één jaar. Supraventriculaire tachycardieën (SVT) verdwijnen meestal spontaan of reageren goed op medicatie, maar bij therapieresistente gevallen kan de ritmestoornis leiden tot ernstig hartfalen.

Wel of niet shocken?

Een 70-jarige man met leververvetting en prostaatcarcinoom meldde zich op de spoedeisende hulp met presyncope en klachten passend bij decompensatio cordis. Bij het eerste onderzoek werden tachycardie, een normale bloeddruk en tekenen van longoedeem vastgesteld. Bloedonderzoek toonde verhoogde natriuretische peptiden, zonder andere significante afwijkingen.

Antistolling: vriend en vijand tegelijk

Trigger-induced atriumfibrilleren (TIAF) is een ritmestoornis die vaak voorkomt bij kritisch zieke patiënten. Duidelijke aanbevelingen over het gebruik van antistolling ontbreken echter. Jasper Koolwijk (Catharina Ziekenhuis) en collega’s voerden een meta-analyse uit naar het effect van antistollingstherapie op het optreden van trombose, bloedingen en mortaliteit - zowel tijdens de opname als op de langere termijn.

Rhythm Puzzle | Onverwachte AV-geleiding bij paroxismaal AF

Een 72-jarige man met een voorgeschiedenis van paroxismaal atriumfibrilleren kwam voor zijn jaarlijkse cardiologische controle. Hij gaf aan zich goed te voelen, zonder klachten of symptomen. Het lichamelijk onderzoek liet geen afwijkingen zien en het rust-ECG wordt weergegeven (Figuur 1). De patiënt werd verwezen naar de spoedeisende hulp voor telemetrische observatie en verdere analyse.
Elektrofysiologie

Ziekenhuiszorg bij atriumfibrilleren

Melissa Middeldorp (UMCG) en collega’s beschrijven dat patiënten met atriumfibrilleren (AF) vaker gebruik maken van ziekenhuiszorg dan patiënten zonder hart- en vaatziekten. Hun onderzoek toont aan dat dit verschil grotendeels wordt veroorzaakt door het aantal aanwezige co-morbiditeiten en de leeftijd.
Elektrofysiologie

Eerstelijnszorg bij hartritmestoornissen

Geert Hengstman (MUMC) en collega’s beschrijven in hun artikel dat samenwerking tussen de echelons essentieel is om de stijgende zorgvraag en de afnemende zorgcapaciteit het hoofd te bieden. Hiertoe is het beschikbaar maken van tijd, expertise en middelen een absolute vereiste om de kwaliteit en continuïteit te waarborgen.